Voetbal

Al sinds men zich kan heugen,
Liep jij al over straat.
Soms speelde je tegen de muur,
Maar soms met een kameraad.

Een echte speler als jij,
Kan niet ontbreken in een ploeg.
Nu was er slechts een vraag,
Die Piet mij steeds vroeg.

Hij vroeg; ik zie hem altijd slenteren,
Maar waar is nou die bal?
Waarop ik zei; hoe kan hij dan voetballen?
Piet doe toch niet zo mal.

Maar wat bleek?
Piet had gelijk.
Dus geniet van je cadeau,
Maar pas op voor gezeik.